| Gelabeld in: Niet gelabeld | 23 mrt 2009 |
| Geplaatst door: Hans de Groot |
Ik kom nog even terug op de 'megakippenhokken', zoals ik de torenhoge appartementencomplexen gisteren noemde.
Toparchitect Dietmar Eberle zei hierover op een symposium het volgende: 'Als Chinezen dezelfde eisen zouden stellen als westerse mensen doen aan de grootte van hun woningen, dan zouden de bouwgrondstoffen onmiddellijk uitgeput raken.' We moeten dus blij zijn dat de 1,4 miljard Chinezen zich tevreden stellen met hun woonkazernes.
Saillant detail: de eengezinswoningen die vroeger het beeld van Beijing sierden, zijn allemaal gesloopt toen China de economische polsstokhoogsprong maakte.
Vandaag is het net zo zonnig als gisteren bij een temperatuur van 14 °C. Maar deze vergaderdag brengen we vooral binnen door.
Allereerst bezoeken we het ministerie van Bosbouw, waar we worden opgewacht door een delegatie van zes (!) ambtenaren onder leiding van divisiedirecteur Liu Lijun van het Department of International Cooperation.
Je komt er weer eens achter hoe belangrijk communicatie is. Er zijn drie vertalers aanwezig: onze eigen gids, iemand van het ministerie en een Chinese medewerkster van de Nederlandse ambassade. Engels moeten de Chinezen nog leren, dat is waar.
Of willen de ambtenaren bewust enige afstand scheppen? Er doet zich namelijk het verschijnsel van de dubbelknik voor. Wanneer er een vraag wordt gesteld, zitten onze gesprekspartners nog voor de overzetting te knikken en doen dat nogmaals wanneer de vertaling komt.
Deze indirecte manier van communiceren blijft moeizaam, alsof je elkaar maar half begrijpt. Gelukkig heeft onze voortreffelijke delegatieleider Paul van den Heuvel, adjunct-directeur van de VVNH, de samenkomst goed voorbereid door al van tevoren een reeks vragen naar het Verre Oosten te mailen. Zo hebben we in elk geval handvatten.
De sfeer is, deze twee uren, overigens niet verkeerd, enkele jaren terug zou die veel formeler zijn geweest. In hun antwoorden gaan de Chinezen niettemin redelijk omzeilend te werk.
De kwesties van duurzaam bosbeheer, certificering, legaal en illegaal hout en de EU-richtlijn FLEGT 1 gaan over tafel. China is tegen illegaal hout, zo vernemen we, maar van de landen waaruit ze dat dan zouden importeren, horen ze nooit dat dit zo is (!). Dat zet de teneur.
Het moet gezegd, China is nog echt een ontwikkelingsland dat op diverse terreinen een flinke achterstand heeft. Je kunt het zo zeggen dat tweede- en derdewereldlanden het gewoon niet snappen, omdat hun denken nog niet ver genoeg is, te vergelijken met een wiskundesom uitleggen op de lagere school.
De conclusie is dat China met van alles bezig is, maar dat het nog veel tijd kost. Het zal niet zo snel gaan als waarmee ze de Olympische spelen hebben georganiseerd, is mijn persoonlijke gedachte.
Terug in het hotel hebben we meteen een ontmoeting met Benson Yu, directeur van PEFC China. Ook tijdens zijn presentatie blijkt dat de weg naar het duurzaamheidsoptimum nog ellenlang is. Zo is China eerst nog bezig zelf een certificeringssysteem op te zetten, en tot die tijd blijft PEFC-certificering in de wacht staan, al probeert PEFC China wel te ritsen.
Na de lunch - de onderlinge sfeer in de groep wordt steeds beter - komt Alan Smith, Network coordination team leader van FSC International, namens FSC China z'n veni-vidi-viciverhaal afraffelen: alles is mogelijk als het maar FSC is. De spreker die we zouden krijgen, zit in Engeland, en zo horen we maar bitter weinig over de FSC-activiteiten in China.
Op weg naar onze laatste afspraak - de Nederlandse ambassade gevolgd door een diner in een restaurant waar we pekingeend gaan eten -, stoppen we speciaal even bij het gebouw van de Chinese tv, ontworpen door onze Rem Koolhaas. Het is werkelijk schitterend, die getordeerde omgekeerde U. De Beijingers zelf hebben echter al andere bijnamen verzonnen: Monster, Transformator en - de meest beeldende - Korte Broek. We maken er een groepsfoto.
De bijeenkomst op de ambassade geeft ons veel inzicht in de Chinese ziel en het daaruit voortvloeiende gedrag. Nog immer beschouwt China zichzelf als het Rijk van het Midden. Dat in het middelpunt staan, vertelt raadsman Henk van Duijn ons, leidt er bijvoorbeeld toe dat ze er altijd op uit zijn hun handelspartners een poot uit te draaien. Chinezen zijn de Nederlanders van Azië.
Een getekend contract blijft voor hen ongetekend, en brutaal kopiëren is volgens Confucius een compliment: zoals een gezel dat bij zijn meester doet. En zo valt de hele dag ineens op z'n plaats: in duurzaamheid en legaliteit zijn Chinezen maar bijzonder matig geïnteresseerd.








Hans