Printen

Villa Meijendel Wassenaar

Wassenaar , 8 mei 2017 10:47 |

Rara: het torent bijna 13 m boven de straat uit, en toch valt het van een afstandje nauwelijks op. Juist! Een villa vermomd als duin met een verkoold bos op de top! Of liever gezegd: een villa die voor de helft in het bestaande duin is ingegraven en verder is afgewerkt met gebrande lariks gevelbekleding.

door Maartje Henket

Opgaan in de omgeving. Dat was een cruciale wens van het echtpaar waarvoor VVKH architecten deze villa in het Wassenaarse duingebied heeft ontworpen. Geborgenheid en verborgen blijven. Wegvallen. Geen poeha. Vooral niet pompeus. ‘Ja, pompeus, dat was een terugkerend begrip,’ herinnert projectarchitect Ronald Knappers zich tijdens de klimtocht rond de villa. ‘Dát mocht het absoluut niet worden.’ We klauteren en glijden over het door Adriaan Geuze van West 8 opnieuw beplante oerduin waarop de villa is gesitueerd. Een toplocatie, met op het noorden de straatkant en daarachter vrij uitzicht over de duinen; op het zuiden de diepe tuin met zwembad, gras en naaldbos; op het oosten buren verstopt achter bomen; en op het westen een huis, maar dat staat zoveel lager dan het leefgedeelte van de ‘camouflagevilla’ dat je er goeddeels overheen kijkt.

Split level
Het duin zelf steekt een meter of acht boven de straat uit. In een vorig leven stond er ook een villa. ‘Modernistisch gelukkig, want dat maakte het gemakkelijker voor de buurt om te accepteren dat er weer een modern bouwwerk kwam.’ In de eerste fase hebben Knappers en de eigenaars zelfs geprobeerd de nieuwe droom voortbordurend op het bestaande te realiseren. Maar er ontbrak toch steeds iets. ‘De doorbraak kwam toen ik een interieur schetste met een split level. Een woning die zich niet alleen vanbuiten, maar ook vanbinnen als duin manifesteert. En de kansen die dat biedt om doorkijkjes te maken. Toen de opdrachtgevers dat zagen, trokken ze een streep door het bestaande. “Gooi maar plat. We beginnen opnieuw”.’ Split level is dan ook het centrale kenmerk van het interieur. Hierdoor voelt de villa als een kijkdoos. Vooral als je in het zitgedeelte van de woonkamer staat, helemaal op de noordelijke top, en je kijkt naar het zuiden, schuin naar beneden. Daar wordt je blik door de keuken met haar glazen schuifdeuren, via het ruime dakterras, het naaldbos in getrokken. Groots en klein tegelijk. Strak en stijlvol. Lieflijk, warm en huiselijk. Een villa vol tegenstrijdigheden.

Monolithische structuur
Met een oppervlakte van 550 m2 voelt de woning nergens imponerend of kil. Het is een warm huis. Dat heeft Knappers goeddeels bewerkstelligd met de materialisering. De opdrachtgever wilde graag schoon beton, naar voorbeeld van het door hem bewonderde gerenoveerde ministerie van Financiën in Den Haag. Dat kwam meteen goed van pas om de gronddruk tegen te houden, want een uitgraving van anderhalve verdieping vraagt een degelijke kering. Ook wilde men een nulenergiewoning. Knappers stelde daarop een monolithische structuur van schoon beton voor, de wanden onafgewerkt, met de conusgaten nog in het zicht, de vloeren gevlinderd en voorzien van vloerverwarming en het geheel rondom ingepakt in 17 cm Kooltherm-isolatie (Rc  6,0m2K/W (gevel) en 8,0m2K/W (dak).
‘Beton is een schitterend materiaal, maar je moet het wel verzachten. Het liefst met hout. Want hout en beton halen op de een of andere manier het beste in elkaar naar boven. Het hout geeft een oranje gloed aan het beton. En het zorgt ook voor de verbinding tussen binnen en buiten. Daarom hebben we de vensters afgewerkt met houten lijsten en bovendien gekozen voor een houten dakconstructie.’ 

Slimme vondst
Die houten dakconstructie is mede mogelijk gemaakt door een slimme vondst van constructeur Breed Integrated Design in Den Haag: over de gehele lengte van de 10 m brede woning loopt een stalen balk.Daar zijn de houten dwarsbalken (100 x 200 mm; hart op hart 40 cm) aan opgehangen. Zonder die stalen balk hadden de houten balken twee keer zo dik gemoeten, of waren er kolommen onder nodig geweest. Dit zou echter ten koste zijn gegaan van het open, ruimtelijke gevoel van de woning. De stalen balk rust in het keukengedeelte op twee kolommen en in het zitgedeelte op de vaste kern waarin de openhaard zich bevindt. Dat is voldoende om een vrije overspanning van 7,2 m mogelijk te maken, bij de breedte van 10 m. De houten dwarsbalken zijn onzichtbaar aan de stalen balk bevestigd. Aan de zijwanden lijken ze koud op de wand aan te komen. In werkelijkheid zijn ze ook hier onzichtbaar bevestigd, met schoentjes.

Eerlijk huis
Een zeer opvallend plafonddetail bevindt zich in het zitgedeelte, waar aan de oostkant een snede is gemaakt die uitzicht biedt op een groepje bomen. Deze loopt door in het dak om een zo vrij mogelijk zicht te bieden, ook naar de boomtoppen, en het gevoel te geven dat je, hoewel binnen, toch onderdeel bent van buiten. Wat echter te doen met de balken, die geen aansluiting vinden op het glas? ‘Hierover hebben we heel lang nagedacht, om ze uiteindelijk gewoon af te zagen waar het glas begint. Dit is een eerlijk huis. Je ziet alles. Dus waarom dit niet laten zien? En trouwens, vanaf een bepaalde hoek lijken de balken door te lopen in de bomen!’

Lariks
Bijna al het gebruikte hout is lariks. De open gevelbekleding is van zwart verkoold lariks, het plafond en de trapleuning zijn van lariks en de ingebouwde halkast is gefineerd met lariks. Er is één uitzondering: de handgreep van de buitendeur, die de belichaming heeft gekregen van een in de deur verwerkt paneel. Die is van kersen. ‘Lariks is niet hard genoeg voor die toepassing,’ vertelt Knappers, ‘en we vonden de kleur en de glans van kersen ook mooi voor deze plek. Hij liefkoost het hout. ‘Wat trouwens heel bijzonder was bij dit project, is dat we steeds verder wilden gaan. Steeds meer ontstond bij elke keuze de vraag bij de opdrachtgever: “Kun je iets bijzonders voor dit huis ontwerpen?” Als architect ben je normaliter bij veel projecten een organisator van materialen, een assembleur, afhankelijk van gestandaardiseerde producten. Bij deze villa is van deurgreep tot trap iets specifieks bedacht.’

Japanse bouwkunst
De detaillering is dan ook heel uitgekiend, zowel binnen als buiten. De zwartgeblakerde planken - gekozen dankzij een voorliefde voor het gebruik van zwart hout in Canada en Japan, en na vele ommelandse inspiratietripjes langs moderne architectuur in Nederland - zijn bij de draaiende delen bevestigd op een aluminium frame. Om een monolithisch uiterlijk te creëren, zijn de kozijnen weggewerkt achter het hout. De te openen delen zitten achter houten roosters. Zo verstoren ze ten eerste het gevelbeeld niet en kunnen de bewoners ten tweede een raam openzetten zonder dat iedereen naar binnen kan stappen. De slaapkamer, op het zuiden op de verdieping van de tuin, heeft openslaande deuren met daarvoor ook weer een rooster van hout.
‘Als de opdrachtgeefster helemaal alleen thuis is, wil ze ‘s nachts de deuren kunnen openen en zich beschermd voelen. Dat kan hierdoor. Naar voorbeeld van de Japanse bouwkunst heb ik een flinke ruimte gelaten tussen de glazen deuren en het houten rooster. Bijna een meter. Zo krijg je een gelaagdheid die het gevoel van ruimtelijkheid vergroot.’

Magisch naturalisme
Gelaagdheid en ruimtelijkheid. Dat zijn misschien wel de kernbegrippen van dit bouwwerk. Naast het adagium van opgaan in de natuur. Door te knippen en te kneden heeft architect Knappers een schil gerealiseerd die het binnen-buitengevoel optimaliseert, terwijl de bewoners zich altijd geborgen weten. Veilig in ‘t verkoolde woud. Magisch naturalisme in Wassenaar. Of, zoals de opdrachtgever het nuchter formuleert: ‘Het is heel goed gelukt ons te laten wegvallen tegen de achtergrond.’

Gebrand hout 
De zwartgeblakerde huid van de woning is door het bedrijf Zwarthout in Leersum (zwarthout.com) op traditioneelnapanse wijze vervaardigd. Voormalig architect
Pieter Wijnen van Faro maakte in 2008 kennis met deze techniek op de architectuurbiënnale in Venetië en bracht die naar Nederland. Het hout wordt niet
alleen gebrand, maar vervolgens ook geschrobd met water. De koollaag maakt het hout, interessant genoeg, brandwerend. Door de hitte verdwijnen bovendien
de voedingsstoffen uit het hout, zodat er geen algen of schimmels meer op groeien. De traditionele Japanse techniek heet Shou Sugi Ban. Zwarthout experimenteert echter met verschillende houtsoorten en gradaties van verbranding om een assortiment aan producten op te bouwen. Elke variant heeft z’n  eigen specifieke kenmerken, zowel esthetisch als bouwfysisch. In Wassenaar zijn Naoshima lariks toegepast en Tonosho lariks. Naoshima is het traditionele Japanse Shou Sugi Ban. Tonosho is als Naoshima. Het is alleen blank gefixeerd, opdat de koollaag niet meer afgeeft.