| Gelabeld in: Niet gelabeld | 7 juli 2008 |
| Geplaatst door: Hans de Groot |
Van 6 t/m 19 juli maak ik op uitnodiging van de Malaysian Timber Council (MTC) een persreis naar Maleisië Peninsular en naar Sarawak op noord-Borneo; het zuidelijke deel hiervan is Kalimantan dat tot Indonesië behoort. Bekendste Maleisische houtsoorten die ons land importeert zijn meranti, bangkirai, merbau en keruing.
Zondag 6 juli 2008
Na een vlucht van 11,5 uur lever ik in Kuala Lumpur meteen 6 uur in, want zoveel tijd is het hier later.
Vanuit het hotel heb ik uitzicht op de beroemde hoge Petronas Twin Towers, feitelijk twee kolossaal uitgerekte toefjes van verticale glazen slagroomgolfjes. Verder doet KL, met 2 miljoen inwoners over een ruim bemeten opppervlak, althans in het centrum tamelijk Amerikaans aan: figuratieve wolkenkrabbers.
Daarbuiten overvalt je het idee of je in de jaren vijftig bent beland. Nu is Maleisië redelijk welvarend, maar nog niet op z'n westers. Veel gebouwen en woningen staan er verveloos bij, in een architectuur die weinig bijzonder is. Nogal wat woningen, en zelfs flats, hebben mansardedaken, een vorm waar je van moet houden. Maar goed, de doorsnee Nederlandse woningbouw is evenmin zo geweldig dat je er graag voor thuisblijft.
Wel staan er, als bij ons, talrijke bomen in de gebouwde omgeving. Er wordt hard gewerkt om de al uitstekende infrastructuur nog verder te verbeteren. Want ook Kuala Lumpur begint last te krijgen van het westerse probleem bij uitstek: files.







