Brood op de plank

Zürich, 15 mei 2018 07:47 | Door de redactie

Architectenbureau Coop Himmelb(l)au geldt als een vertegenwoordiger van het deconstructivisme, waarin vormen expressionistisch uit hun verband worden getrokken in chaosflarden. Ze staan symbool voor onze maatschappij van schreeuwende onzekerheid. Of dat ook geldt voor Paneum, een reusachtig beeld op een reusachtige sokkel?

Als je achter de bestemming van het kunstwerk komt, een museum over de historie van bakken en broden, dan kan de hooggestemde fantasie al snel als een ballon leeglopen. Dan kijk je teleurgesteld aan tegen een uit z’n voegen gerezen brood, balancerend op de rand van een industriële rechthoek. Of voor ons Nederlanders, tegen een Bossche bol die uit een te kleine gebaksdoos omhoog lekkerbekt, niet in kleur, maar in zwart-wit. Want grijs is de zichzelf wegcijferende sokkel van betonnen platen, waarin alleen de naden nog iets van leven brengen. En glanzend grijs is de stalen bol, als het pure-chocoladeglazuur van de Brabantse vingerlikvariant. In het midden is hij rondom met een harmonicavouw ingesnoerd, het edelstaalfondant slingert vicieus om de taartbol heen. Deze ‘onvolkomenheden’ hebben alles weg van de onmogelijk te voorspellen vorm die ontstaat in de gloeiende hitte van het broodbakproces.

Raadselachtige kolos
Met een hoogte van 20 m is de Wunderkammer des Brotes (= Rariteitenkabinet van het brood), zoals de ondertitel van Paneum luidt, niettemin een raadselachtige kolos. De strakke onderbouw en de lobbige bol erboven zijn hermetisch gesloten. Alleen bij de kopgevelse glasentree die één venster de hoek omgaat, laat de doos iets van het interieur zien. En dan dient zich onmiddellijk een ander smakelijk banketbakkersbeeld aan, die van een uit de kluiten geklopte slagroomtoef op z’n kop, die zich als een tornado de grond in boort. Binnen blijkt de onderste wervelpunt een stalen wenteltrap. Het middendeel van de kurkentrekker schroeft lui langs een schilderijengalerij naar de ‘begane grond’ van het bolgewelf. Het derde wentelstuk waaiert op z’n dooie akkertje naar de nog hogere sfeer van de verdieping. Het stalen gevaarte dat zelfdragend drie etages pakt, weegt 45 ton en leunt zwaar op de onderconstructie van gewapend beton. Het zet wel beide bouwdelen verpletterend op dynamiek.

Buitensporige collectie
Het Paneum is de langgekoesterde wens van Peter Augendopler, directeur tweede generatie van het internationaal opererende familiebedrijf backaldrin The Kornspitz Company in de kleine gemeente Asten (6.500 inwoners). Dat een dorp, 165 km ten westen van Wenen in deelstaat Oberösterreich, avant-gardistische architectuur binnen z’n grenzen heeft, is opmerkelijk te noemen. De onderneming voert een uitgebreid assortiment van meer dan zevenhonderd brood- en bakproducten die ze wereldwijd vermarkt. Augendopler had zich in zijn werkzame jaren ook toegelegd op het verwoed verzamelen van voorwerpen die met de eerste levensbehoefte brood te maken hebben. De hobby leidde tot een nogal ontspoorde collectie van 15.000 objecten die 9.000 jaar bakkersgeschiedenis omspannen: schilderijen, uithangbordjes, aardewerk, gildekruiken, versteende graankorrels, zeven, bakvormen, muntstukken, speelgoedautootjes, porseleinen beeldjes enzovoorts. En die werden hoe langer hoe meer tentoonstellingsrijp.

Lees het complete artikel over Paneum, Spotlightproject deze maand op Het Houtblad. Bij dit project is onder meer Design-to-Production in Zürich betrokken. Van dit bureau komt Fabian Scheurer (partner) naar de Houtdag 2018 op donderdag 15 november (o.v. Hotel Jakarta Amsterdam). Hij spreekt dan onder meer dit project.  


Foto: Markus Pillhofer Wenen